Maat nemen
Kledingmaten
Neem een goed passend kledingstuk, meet daarvan bijv. heupwijdte of bovenwijdte op. Vervolgens meet je de heup- of bovenwijdte van het patroon op. Zo kan men zelf bepalen welke maat er uitgeradeerd moet worden.
De maten van verschillende patroonbladen lopen uitéén. Meet daarom eerst altijd je eigen maten na, voordat je begint met knippen.
Afwijkend model
Heb je een afwijkende maat of bijv. een holle rug, waardoor er altijd een patroon moet worden aangepast,maak dan eerst een proefmodel van een oud lapje. Dit hoeft niet afwerkt te worden, ook zakken ed hoeven hier niet opgenaaid te worden. Het gaat om het globale model en meestal gaat het er om dat het in de taille goed zit.
Op het proefmodel kun je aanpassingen aanbrengen. Uiteraard niet vergeten deze aanpassingen gelijk op het patroon aan te geven.
Mouleren
Dit is een manier waarbij je stof op een paspop drapeert en zo een soort mal creeert waar men een patroon van kan maken.. De paspop moet dan wel op de eigen maat aangepast worden. De meeste poppen zijn af te stellen door middel van knoppen. Een buikje of zo iets kan worden gemaakt van bv. Fiberfill en overtrokken worden met eventueel verband, maar dit kan ook op andere manieren.
Deze manier van patroontekenen vereist wel veel ervaring met zowel patroontekenen alswel feeling voor de stoffen. Het is dan ook aan te bevelen hiervoor een boek aan te schaffen (bv. Mouleren van Duburg) of eventueel een workshop te volgen. Deze methode Is ook niet zomaar uit te leggen en deze vermelding is alleen bedoelt o <-?



















